Ineke Lautenbach

Om te lezen en te luisteren

Schrijven is mijn hobby. Op deze website zijn de resultaten daarvan te lezen.
Verder houd ik van zingen en daarvan is iets te lezen en te horen.
Veel plezier!


Verdwalen

Een overweging bij Marcus 6: 45-51
Derde vesper in de veertigdagentijd, 19 maart 2006

Ga je mee verdwalen? Ik weet de weg. Loesje.

Dat klinkt leuk, maar zo gaat het natuurlijk niet. Je gaat niet op weg met het plan om te verdwalen.
Je gaat vol goede moed op weg, goed voorbereid. Je weet waar je naartoe moet, je weet wat je moet doen. Je kent je je opdracht: de opdracht die je hebt gekregen of die je jezelf hebt gesteld.
Zo gaan ook de leerlingen van Jezus op weg. Het is een drukke dag geweest. Er waren een paar duizend mensen gekomen om naar Jezus te luisteren. Jezus heeft ze allemaal te eten gegeven, ook al waren er maar vijf broden en twee vissen. Nu zijn ze moe. Ze gaan op zoek naar rust. Jezus stuurt zijn leerlingen vooruit: "Gaan jullie maar vast." Ze stappen in de boot en gaan roeiend op weg naar de overkant van het meer. Ze weten waar ze naartoe moeten, de weg is bekend en de opdracht is duidelijk.

Maar eenmaal onderweg kan er van alles gebeuren. Er is een wegomlegging, de kaart is verouderd, of die prachtige routebeschrijving die je van Internet hebt geplukt klopt net niet helemaal. Je raakt de weg kwijt, je begint te dwalen.
Een andere keer is er met de weg niets aan de hand, maar is de opdracht opeens veranderd, of ben je ‘m vergeten. Misschien wil je de opdracht niet meer uitvoeren. Je bent de weg kwijt, je begint te dwalen.
Voor de leerlingen van Jezus is de opdracht moeilijker dan verwacht. Ze hebben zo'n hevige tegenwind dat ze maar nauwelijks vooruit komen, hoe hard ze ook roeien. En terwijl ze hun best doen om de overkant te bereiken, zien ze een geestverschijning. Dat denken ze tenminste en ze raken in paniek. Ze zijn de weg kwijt, ze beginnen te dwalen.

Verdwalen is eng. Alle zekerheden zijn weggevallen. Je weet niet meer waar je aan toe bent, je weet niet meer waar je heen moet, je weet niet meer wat het doel is van je reis. Je voelt je volkomen verloren en verlaten.
Totdat je iemand vindt die de weg weet. Iemand die je de juiste richting kan wijzen. Die je kan helpen een nieuw doel, een nieuwe opdracht te vinden. Iemand die je rust geeft.
Jezus geeft zijn leerlingen letterlijk rust. Hij stapt bij hen in de boot en de wind gaat liggen. Ze kunnen verder roeien en de overkant bereiken. Ze zijn er ondersteboven van. Dit hadden ze niet verwacht.

Wij zijn meestal niet veel beter dan deze leerlingen. Ook wij verdwalen en raken in paniek. We zien spoken. We vergeten dat er iemand in de buurt is. Iemand die altijd de weg weet. Iemand die we vaak pas achteraf herkennen, als we weer veilig thuis zijn.

Ga je mee verdwalen? De Eeuwige weet de weg.