Ineke Lautenbach

Om te lezen en te luisteren

Schrijven is mijn hobby. Op deze website zijn de resultaten daarvan te lezen.
Verder houd ik van zingen en daarvan is iets te lezen en te horen.
Veel plezier!


Tocht door de woestijn

Een overweging bij Exodus 14: 19-29
Vijfde vesper in de veertigdagentijd, 29 maart 2009

Vandaag lezen we het verhaal van de doortocht door de Rietzee. De Israëlieten steken de zee over tussen muren van water. Als de Egyptenaren hen volgen stroomt het water terug. Ze worden verzwolgen, "niet één van hen bleef in leven" staat er. Bij de voorbereiding van deze vespers bleek ik niet de enige te zijn die daar moeite mee heeft. Waarom zo'n wrede afloop voor zovelen? De Egyptenaren zijn toch ook mensen? Met familie en vrienden die van hen houden? Ik heb moeite met dat deel van het verhaal.

Maar zo is het verhaal niet bedoeld. Egypte staat symbool voor het kwaad, voor alles wat het leven bedreigt. Dat kwaad wordt verzwolgen. Zo moet je het verstaan, niet als het vernietigen van mensen. Deze symbolische betekenis geldt voor veel meer verhalen in de bijbel. Ik merk dat ik steeds beter zo kan lezen. Veel verhalen krijgen daardoor voor mij een andere lading. Ze bereiken me terwijl ik ze eerder naast me neer legde.

De lading van dit verhaal is voor mij: bevrijding. De Israëlieten zijn vertrokken uit Egypte, het is eindelijk gelukt. Maar ze worden achtervolgd en stuiten op de Rietzee. Ze kunnen niet verder en ze kunnen niet terug, ze zitten klem. De Eeuwige helpt ze er door, verandert de zee in droog land. Net als in het begin, als op de tweede dag van de schepping de Eeuwige scheiding maakt tussen water en land. Wat hier gebeurt is een nieuw begin.

Beginnen is spannend. Je moet een drempel over, de eerste stap zetten. Je ziet een droog pad voor je, maar aan weerszijden staat een muur van water. Het pad lijkt begaanbaar, maar de dreiging is overal. Dan moet je wel even diep ademhalen voordat je dat pad durft op te gaan. Het vereist nogal wat vertrouwen dat het goed zal aflopen. Zal het water niet terugstromen als je er middenin zit? Wie garandeert je dat je de overkant zult bereiken? Dat je niet vastloopt in de modder? Die terughoudendheid is voor mij heel herkenbaar.

Dan gaan enkelen op weg en durft de rest ook. Iedereen gaat mee, en iedereen komt er door.

Maar als het goede deze weg kan gaan, waarom het kwade dan niet? De Egyptenaren komen de Israëlieten gewoon achterna. Ze gaan ook het droge pad op tussen de watermuren. Maar het kwaad loopt vast. Dan stroomt het water terug en het kwaad wordt verzwolgen.

De Israëlieten zijn er door gekomen. We zijn er allemaal door gekomen. We zijn door het water getrokken. We hebben het verleden achter ons gelaten. Het is voorbij, het is goed afgelopen. Wat een opluchting.

En nu? Er is nu geen weg terug meer. De droge doorgang is verdwenen, er is alleen water achter je. Het is net zo'n barrière als toen je er voor stond. Er is geen andere mogelijkheid dan vooruit te gaan, verder, op weg naar de toekomst. Het verleden is afgesloten, onbereikbaar geworden. Je kunt niet terug om het anders te doen, niet terug naar wie je toen was.

De Eeuwige heeft een weg gebaand door het water en is met je mee gegaan. De Eeuwige zal ook mee gaan op de weg die voor je ligt.