Ineke Lautenbach

Om te lezen en te luisteren

Schrijven is mijn hobby. Op deze website zijn de resultaten daarvan te lezen.
Verder houd ik van zingen en daarvan is iets te lezen en te horen.
Veel plezier!


De verzoeking in de woestijn

Een overweging bij Matteüs 4: 1-11
Eerste vesper in de veertigdagentijd, 21 februari 2010

We lezen dit jaar in de vespers de klassieke evangelielezingen voor de 40 dagen. Ze vormen een leerweg op weg naar de doop in de Paasnacht. In de oude kerk werd dan drie keer het kwaad afgezworen en drie keer het geloof bevestigd.. In de klassieke lezingen kun je driemaal dit afwisselend nee en ja herkennen. We beginnen vandaag met een 'nee' van Jezus tegen het kwaad. We lezen de verzoeking in de woestijn.

En dat is een verhaal vol symboliek. Het kan niet historisch zijn, want Jezus is alleen in de woestijn. Er is niemand in de buurt. Het is niet iets wat hij zomaar verteld zal hebben aan zijn leerlingen. Maar het is een belangrijk verhaal, het staat in drie van de vier evangeliën. En het staat aan het begin van de weg die Jezus zal gaan. Die weg begint met het afwijzen van het kwaad.

Jezus is in de woestijn en heeft veertig dagen en veertig nachten gevast. Dan komt de duivel om hem op de proef te stellen. Tot drie keer toe doet die hem een verleidelijk voorstel. Ieder voorstel wordt begeleid door een citaat uit de psalmen: er staat geschreven. Om aan te tonen dat het een goed voorstel is. Zo wordt ook nu nog de bijbel vaak gebruikt.

Maar het is steeds een citaat dat verdraaid wordt, uit verband wordt gehaald. De duivel zegt bijvoorbeeld:

Als u de Zoon van God bent, spring dan naar beneden. Want er staat geschreven: “Zijn engelen zal hij opdracht geven om u op hun handen te dragen, zodat u uw voet niet zult stoten aan een steen.' 

Dit citaat komt uit psalm 91, die we straks zullen lezen. In die psalm gaat het over vertrouwen:

Wie in de beschutting van de Allerhoogste woont
en overnacht in de schaduw van de Ontzagwekkende,
zegt tegen de Eeuwige: 'Mijn toevlucht, mijn vesting,
mijn God, op u vertrouw ik.’

Dat betekent niet dat je God uit moet dagen en dat is wat de duivel van Jezus vraagt. Het is gevaarlijk om Bijbelteksten, citaten in het algemeen, zomaar los te maken uit de context. De voostellen van de duivel lijken op het eerste gezicht zo aantrekkelijk. En luister maar, het is een goed voorstel, want het staat er echt. Maar als je verder kijkt staat het er niet, niet precies zo, niet met die bedoeling. En het is de kunst om het onderscheid te maken. Onderscheid tussen wat kwaad is en wat goed. Hoe vaak weten wij dat onderscheid pas achteraf, als we de verkeerde keuze hebben gemaakt en de gevolgen zien.

Jezus heeft dat onderscheidingsvermogen. Hij doorziet het kwaad en kiest het goede. Zo wordt met dit verhaal aangetoond dat Jezus de Messias is. Daarmee kan zijn weg beginnen. Zijn weg naar Pasen.