Ineke Lautenbach

Om te lezen en te luisteren

Schrijven is mijn hobby. Op deze website zijn de resultaten daarvan te lezen.
Verder houd ik van zingen en daarvan is iets te lezen en te horen.
Veel plezier!


Herinnering - column

Eigenlijk kende ik Paula niet. Ik wist wel wie ze was: ik kende haar naam, haar gezicht. Prachtig lang haar had ze, tot voor kort. Ik wist een paar dingen van haar. Dat ze jarenlang notuliste was geweest van de kerkenraad. Dat ze in Amsterdam werkte, ik had haar daar immers een keer ontmoet. En we hebben vast wel eens een praatje gemaakt bij de koffie, voor of na een kerkdienst. Maar eigenlijk kende ik haar niet.

Totdat de diaconie huiskamerbijeenkomsten organiseerde om elkaar binnen de kerk wat beter te leren kennen. Ik had mijn huiskamer aangeboden. Onder mijn gasten was Paula met haar vriend. Ze vertelde over zichzelf, over haar leven. Net als wij allemaal. Ze vertelde over haar huwelijk, haar scheiding en hoe ze zich staande had gehouden. Dat was voor mij herkenbaar. Ze vertelde hoe goed ze het nu had met haar vriend. Ik vond haar een leuk mens. Ik nam me voor meer contact met haar te zoeken. Toen werd het zomer.

In de zomer heb ik weinig contact met de kerk. De meeste activiteiten liggen stil. Veel mensen zijn op vakantie. Ik ga zelf ook. Ik ben verder ook veel zondagen weg, en als ik thuis ben heb ik zin om uit te slapen. Meestal ben ik een maand of twee verdwenen, om rond de startzondag in september weer op te duiken. Die zomer liet de voorzitter van de cantorij me niet met rust. Hij belde een aantal keren, maar ik was niet thuis. Hij liet geen boodschap achter op het antwoordapparaat. Dus belde ik hem. Toen was hij weg om in te zingen: de cantorij, voor zover niet op vakantie, zou over een uurtje zingen in een uitvaartdienst. Hij had willen vragen of ik mee kon doen.
'Hij heeft het er druk mee, deze week' zei zijn vrouw, 'Eerst Paula, en nu dit.'
'Paula?'
'Ja, weet je dat niet?'
Nee, ik wist van niets. Ze vertelde. Paula was aan het eind van haar vakantie ziek geworden. Ze waren eerder terug gegaan. ’s Avonds thuis werd ze steeds zieker. Haar vriend heeft ’s nachts de huisarts gebeld. Die constateerde een dubbele longembolie. Ze was binnen een paar uur overleden. De begrafenis was al geweest.

Ik ben niet naar die andere uitvaartdienst geweest. Ik kende de overledene nauwelijks. En ik was verbijsterd, sprakeloos. Paula was begin veertig en altijd gezond geweest. En dan dit.

Op de laatste zondag van het kerkelijk jaar gedenken wij iedereen die het afgelopen jaar is overleden. Dat jaar was ik er niet bij. Ik was de week daarvoor geopereerd en net weer thuis. Ik kon er niet bij zijn, maar wilde wel mee vieren. Ik vroeg de cassetteband. Die werd een paar dagen na de dienst met liturgie thuis bezorgd.

Ik had nog nooit een dienst meegemaakt door alleen te luisteren. Ik had wel eens een dienst beluisterd waar ik bij was geweest. De beelden zijn er dan al. Die komen vanzelf terug tijdens het luisteren. Dit was heel anders. Maar ik kende de kerk. Ik kende de mensen. Ik kon me voorstellen wat er gebeurde. Ik hoorde de namen. Ik hoorde haar naam. Paula: luid en duidelijk. In gedachten zag ik hoe haar kaarsje werd aangestoken. Stond te branden tussen al die andere kaarsjes. Het bleef onwerkelijk. Ik was er niet bij, en toch ook wel.

Later heb ik dit lied geschreven voor de gedachteniszondag. Voor iedereen die ik mis. Voor iedereen die wij missen. Voor iedereen die achterblijft. Voor de vriend van Paula.
Voor Paula.