Ineke Lautenbach

Om te lezen en te luisteren

Zomaar

Ze zit te lezen in de zon
die schittert in haar haar.
Een glimlach om haar mond
die haar zonnig maakt.

Wat is ze leuk, wat is ze leuk,
en zomaar, zomaar hier!

Het water kookt, dus ze staat op
en maakt er koffie van.
Stevig staat ze daar
met de koffiekan.

Wat is ze leuk, wat is ze leuk,
en zomaar, zomaar hier!

O, ’t is zomer, en zij is zomaar hier.
O, ’t is zomer, en zij is zomaar hier.

Ze schenkt haar koffie, pakt haar boek
en leest al drinkend door.
Wiebelend haar slipper
aan haar blote voet.

Wat is ze leuk, wat is ze leuk,
en zomaar, zomaar hier!

Wat is ze leuk, wat is ze leuk,
en zomaar, zomaar hier!

Wat is ze leuk, wat is ze leuk,
en zomaar, zomaar hier!